Home » Nieuwe wet moet pensioencommunicatie verbeteren
Communicatie26 | 06 | 2015 | door: Erik van der Spek

Nieuwe wet moet pensioencommunicatie verbeteren

Op 1 juli 2015 treedt de nieuwe Wet Pensioencommunicatie in werking. Deze wet moet ervoor zorgen dat pensioenfondsen informatie verstrekken die aansluit bij de wensen van de deelnemers. Maar in de praktijk blijkt dat de fondsen en verzekeraars nog een lange weg te gaan hebben. Is een wet wel voldoende?

Heldere en effectieve communicatie over pensioenen is al vele jaren een hoofdpijndossier. Het probleem is even eenvoudig als frustrerend: in de periode dat werknemers nog iets aan hun pensioen kunnen doen zijn ze niet geïnteresseerd; als ze geïnteresseerd raken, is het vaak te laat. Uit een onderzoek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid uit 2012 blijkt dat van alle deelnemers slechts 29% open staat voor informatie over pensioenen. Uit een onderzoek van Brunel Pensioenonderzoek blijkt dat bijna twee derde van de werknemers niet weet hoeveel pensioen hij of zij straks gaat ontvangen. Tegelijkertijd geeft 86% aan wel belang te hechten aan de pensioenopbouw.

Jargon
De 29% die wel geïnteresseerd is, heeft het bovendien niet gemakkelijk. Pensioenen zijn notoir lastig uit te leggen. Dan hoeven we het nog niet eens te hebben over bijzondere begrippen zoals een pseudo-nabestaande of een excedentregeling. Neem een term als franchise – toch een kernbegrip in elke pensioenregeling. De franchise is dat deel van het salaris waarover een werknemer geen pensioen opbouwt, maar voor de meeste werknemers is het onbekend terrein. Voor veel taalgebruikers zijn ook woorden als dekkingsgraad, indexering en middelloonregeling reden om af te haken. Vooral jongeren, laagopgeleiden en allochtone Nederlanders hebben moeite met dit jargon.

Nieuwe wet
Iedereen is het erover eens dat pensioencommunicatie helderder en transparanter moet zijn. De Nederlandsche Bank, net als toezichthouder AFM, de vakbonden en de pensioenfondsen zelf. De nieuwe wet geeft hun een steuntje in de rug. In de toekomst moet duidelijk zijn welke keuzes een werknemer heeft en wat de gevolgen zijn van bijvoorbeeld werkloosheid of overlijden voor het pensioen. Ook het Uniform Pensioenoverzicht, het UPO, moet transparanter worden.

Stip aan de horizon
Maar is het voldoende? Dat is de vraag. Professor Leo Lentz gaf al in 2011 in zijn oratie aan dat wetten op dit gebied vaak tekort schieten. Dat ligt zowel aan de vaagheid van de eisen die in de wet gesteld worden (hoe operationaliseer je transparant bijvoorbeeld?) als aan het toezicht op de uitvoering. Een wet is een ‘stip aan de horizon’, maar of die stip ooit bereikt wordt, hangt af van de pensioenfondsen zelf. Zij moeten de wil tonen om hun communicatie stevig op de schop te nemen. Samenwerking met expert in het veld én met de doelgroepen is daarvoor onontbeerlijk.

26 | 06 | 2015 | door: Erik van der Spek
Contact? Bel 035 - 623 77 85 of mail info@hvds.nl