27 | 06 | 2016 | door: Erik van der Spek

Naar welk wapen noem jij je kind?

Wat hebben Pistol, Browning, Wesson, Kimber en Beretta met elkaar gemeen? Het zijn allemaal baby’s die de naam van een geweer of pistool hebben gekregen. Ondanks de vele schietincidenten in de Verenigde Staten blijft de verkoop van wapens stijgen. Die stijging zie je terug in de naamgeving: vorig jaar kregen alleen al 1500 baby’s in de VS de naam Gunner. De verklaring: ouders denken dat een stoere naam hun kind een voorsprong geeft in een gevaarlijke wereld.

Kinderen die naar auto’s worden genoemd, zijn we al een aantal jaren gewend. Veel jongens heten Lincoln of Bentley, voor meisjes zijn Mercedes (dat is natuurlijk van oorsprong een meisjesnaam) en Lexus populair. Maar dat steeds meer kinderen naar wapens worden genoemd, was nieuw voor mij. Toch is dat een duidelijke trend, zo blijkt uit een artikel in de Independent. Gunner (schutter) is al doorgedrongen tot de top-200 van jongensnamen. En de naam Cannon (kanon) staat inmiddels in de top-100.

Messen en speren
Je kind naar een geweer noemen blijkt onderdeel te zijn van een bredere trend. Ook steek- en slagwapens zijn populair. We kennen Lance (speer) natuurlijk van Lance Armstrong, maar ook Mace (knuppel), Blade (mes, lemmet), Saw (zaag) en Dagger (dolk) worden gebruikt als jongensnaam. Sabre (sabel) is in opkomst bij meisjes. De verdeling over de seksen is sowieso grappig: 900 jongens werden vorig jaar Archer (boogschutter) genoemd, veel meisjes kregen de naam Arrow (pijl). En ook andere vormen van geweld worden vernoemd: elf kinderen kregen de naam Arson (brandstichting).

Magische naamgeving
Volgens een Amerikaanse website over babynamen worden er steeds meer kinderen genoemd naar geweren, messen, historische krijgers, bloeddorstige godinnen (Kali) en macho filmsterren. Het lijkt erop dat ouders in duistere tijden zoeken naar intimiderende namen. Daarin klinkt de tijdloze magie door die ook vroeger een rol speelde in naamgeving: de eigenschappen van de naam worden overgebracht op de drager. Met iemand die Browning of Beretta heet valt niet te spotten, dat is de boodschap.

Tot slot: uit het onderzoek blijkt ook dat negen kinderen in 2015 Chaos werden genoemd. Dat snap ik dan weer wel.

21 | 03 | 2016 | door: Willem Hendrikx

Algemene voorwaarden (trainingen)

Download onze algemene voorwaarden voor trainingen:

Algemene Voorwaarden Trainingen Hendrikx Van Der Spek

09 | 10 | 2015 | door: Erik van der Spek

Geen nieuwe spelling, wel nieuwe woorden

Op 13 oktober, verschijnt de nieuwe Woordenlijst Nederlandse Taal: het Groene Boekje. Het goede nieuws: de spellingregels zijn niet veranderd. Bovendien bevat het Groene Boekje zo’n 10.000 nieuwe woorden. Wat kunnen we verwachten?

Groene boekjeHet belangrijkste punt is dat de Woordenlijst volledig geactualiseerd is. Het bevat zo’n 10.000 nieuwe woorden. Daarbij is bijzondere aandacht gegeven aan Nederlandse woorden uit Suriname en de Antillen. Een pluspunt is verder dat de Woordenlijst beter is afgestemd op de vragen van taalgebruikers. Vaak opgezochte woorden, zoals rechtdoorzee en faciliteren zijn toegevoegd, eenvoudige woorden zijn weggelaten.

10.000 woorden
Wat zijn die 10.000 nieuwe woorden? Dat weten we pas op 13 oktober, maar we kunnen al wel vast even kijken in de Van Dale Online. Per slot van rekening komen de Van Dale en het Groene Boekje uit dezelfde stal. Van Dale Online ververst de woordenschat voortdurend en brengt daar ook verslag van uit. Daarom kunnen we op basis van die verslagen een voorspelling doen; hieronder neem ik de lijst van 2014 als uitgangspunt. Ik onderscheid vijf categorieën: maatschappelijke thema’s, nieuwe technologie, eendagsvliegen, doorzichtige samenstellingen en nog een restgroep. Daar gaan we!

1. Maatschappelijke thema’s
Veel nieuwe woorden reflecteren maatschappelijke thema’s die volop in de belangstelling staan. Zo leverde Groningen ons de gasbeving. De ouderenzorg – of het gebrek daaraan – komt terug in de pyjamadagen. Daar tegenover staat dat het seniorenmoment, dat kleine moment van vergeetachtigheid, ook al op jongere leeftijd kan optreden. Gelukkig kun je op zulke momenten terecht bij de geheugenpoli. De drugshandel zorgt voor woorden als wietzolder en drugsezel, de koeriers die grote risico’s nemen met kleine hoeveelheden drugs op ongebruikelijke plaatsen. En dankzij de actie tegen zwarte piet staat ook de kleurenpiet inmiddels op de lijst.

2. Nieuwe technologie
Onze woordenschat staat voortdurend voor de uitdaging gelijke tred te houden met ontwikkelingen in de technologie. Daar komen woorden als e-scooter, dronepiloot, virtualrealitybril en videochatten uit voort. Contactloos slaat niet op contactarmoede (zoals vriendloos, niet in de selectie), maar op contactloos betalen. Als de lijst voor 2015 wordt ge-update, zal sjoemelsoftware er ongetwijfeld ook bijkomen.

3. Eendagsvliegen
Veel woorden staan even in de belangstelling en sterven dan een zachte dood. Het valleiorgasme (zonder streepje) werd bekend door het boek Alleen voor vrouwen van Marleen Jansen, maar of het over een jaar nog zal bestaan is de vraag. De lokpuber was populair in 2014 vanwege een wetsvoorstel (er waren ook lokbejaarden), maar lijkt ook geen lang leven beschoren te zijn.

4. Doorzichtige samenstellingen
Dat is de minst interessante deelverzameling. Veel woorden in de lijst zijn direct te herleiden tot de samenstellende delen. Zo is een goedkopestoelenmaatschappij, tsja, een prijsvechter die goedkope tickets aanbiedt. Lotgenotencontact is er ook zo eentje, het enige bijzondere eraan is dat er zoveel lotgenoten (van verschillende pluimage) zijn die contact zoeken. Ik begrijp ook wel dat niet elk gesprek aan de keukentafel een keukentafelgesprek is, maar is dat een reden om het woord op te nemen?

5. Onclassificeerbaar
Dat is de leukste categorie: woorden waarvan je denkt: ‘Huh? Wat is dat?’ Ik had dat bijvoorbeeld bij het woord juichaapje: dat blijkt een vondst te zijn van NOS-correspondent Chris Ostendorf voor overenthousiaste burgers of politici. En wat is een koekwous? Dat vraag ik me niet alleen af, de Zutphense politierechter mr. Van Lookeren Campagne wist het ook niet. Maar hij heeft het wel opgezocht, want hij moest oordelen over een belediging van een dertigjarige Winterswijker. Die had een politieagent ‘vuile koekwous’ genoemd. De rechter kwam erachter dat ‘koekwous’ zoiets als mafketel betekende. “Het hoeft dus niet meteen een belediging te zijn, maar in combinatie met het woord ‘vuile’ is het dat wel”, zei hij. Het leverde – in combinatie met een aantal andere delicten – veertig uur werkstraf op, gecombineerd met een voorwaardelijke celstraf van twee weken, toezicht van de reclassering en een begeleiding door het centrum voor verslavingszorg De Grift. Dus denk twee keer na voordat u het woord koekwous gebruikt.

25 | 06 | 2015 | door: Erik van der Spek

Spelling: los of aan elkaar?

Veel sites hebben een FAQ-lijst. Een goede Nederlandse vertaling voor dit onderdeel is Veelgestelde vragen. Of is het toch Veel gestelde vragen? En hoe zit het met woorden zoals ten( )minste en ten( )slotte?

Klein betekenisverschilSpelling
Zowel veel gesteld als veelgesteld kan dienen als bijvoeglijke combinatie bij het zelfstandig naamwoord vragen. Er zit echter een betekenisverschil tussen de twee schrijfwijzen:
• Veel gestelde vragen: willekeurige verzameling van gestelde vragen.
• Veelgestelde vragen: vragen die keer-op-keer (frequent) gesteld zijn.

Als u twijfelt, kun u ook letten op de intonatie: bij veelgestelde vragen hoort u alleen een klemtoon op veel, in tegenstelling tot veel gestelde vragen.

Grotere betekenisverschillen
Het verschil tussen veelgestelde en veel gestelde is klein en bijna filosofisch te noemen. Andere woordcombinaties hebben echter grotere betekenisverschillen waar veel schrijvers nog steeds aan voorbij gaan. Denk maar eens aan teneinde, tenminste en tenslotte. De los geschreven combinaties hebben een letterlijke betekenis, terwijl de aaneengeschreven versies een afwijkende betekenis krijgen.

  • Ten einde – De vergadering is ten einde (voorbij).
  • Teneinde – Er komt een inentingscampagne teneinde (om) de vogelpest tegen te gaan.
  • Ten minste – Die opdracht gaat ten minste (minstens) vijfduizend euro opleveren.
  • Tenminste – Walibi is leuk, tenminste (althans), als je van achtbanen houdt.
  • Ten slotte – Ten slotte (tot slot) klikt u op de Verzenden-knop.
  • Tenslotte – Het is tenslotte (per slot van rekening) de voorkeur van de directeur.

Meer weten?
Wilt u meer weten over spelling? Bekijk dan onze training Spelling en taalvaardigheid! Of neem direct contact met ons op voor advies op maat.

04 | 06 | 2015 | door: Annelies Buurman

De HVdS-Zomerworkshops: Blended learning!

Volg een gratis e-learning én een verdiepende workshop in de zomervakantie!

Zomerworkshops 2015

Hendrikx Van der Spek organiseert vier zomerworkshops aan het einde van de zomervakantie. In deze workshops maakt u kennis met onze nieuwe producten. We bieden u eenmalig de mogelijkheid om een gratis splinternieuwe e-learning te volgen (normale prijs: tussen de 100 en 300 euro). Aansluitend hierop volgt u een gratis korte workshop (van 3 uur) waarin u dieper ingaat op de stof van de e-learning en ermee oefent. We noemen dat Blended Learning: een mix van e-learning en ‘klassikale’ training.

Welke workshops kunt u volgen?

We bieden de volgende vier workshops aan:

Hoe werkt het?

U kunt zich aanmelden (voor maximaal twee zomerworkshops) door een mail te sturen aan info@hvds.nl. Vermeld in de mail uw contactgegevens en de workshop(s) waarin u interesse heeft. U ontvangt dan ruim voor de workshop een toegangscode waarmee u gratis de e-learning kunt volgen. Tegelijkertijd krijgt u de uitnodiging voor de verdiepende workshop.  De workshops vinden plaats op ons kantoor in Bussum (Brinklaan 144) en duren van 13.30u tot 16.30u.

Waarom bieden we deze workshops gratis aan?

Om twee redenen. Allereerst willen we u kennis laten maken met onze nieuw producten. Daarnaast gelden de zomerworkshops voor ons als een soort ‘proeftuin’. We proberen onze producten altijd beter te maken en daarvoor hebben we uw feedback natuurlijk nodig. We horen tijdens de workshops dan ook graag van u wat u van onze nieuwe e-learnings vindt.

06 | 01 | 2015 | door: admin

B1-niveau lastig te bereiken voor gemeenten

Hoe bereik je de burger? Met die vraag worstelen tekstschrijvers bij gemeenten al een hele tijd. De laatste jaren lijken ze het antwoord gevonden te hebben: B1. Maar slagen deze tekstschrijvers erin om op B1-niveau te communiceren? En welke problemen komen ze onderweg tegen? Uit onderzoek blijkt dat er nog een lange weg te gaan is.

Nederlanders verschillen op talloze punten van elkaar: leeftijd, opleiding, taal, kennis en interesse, om er maar een paar te noemen. Sommigen van ons kunnen niet of nauwelijks lezen, anderen hebben een andere moedertaal dan het Nederlands. Toch wil de overheid ons allemaal bereiken, ook de 1,4 miljoen laaggeletterden. Sterker nog, de overheid heeft de plicht om dat te proberen. De Nederlandse gemeenten streven dus naar begrijpelijke teksten: teksten op B1-niveau.

B1 teksten

B1

B1 is één van de taalniveaus van het Europees Referentiekader (ERK) en staat voor ‘standaard eenvoudige communicatie’. Een tekst op B1-niveau moet aan een aantal tekstkenmerken voldoen. Zo moet je complexe zinnen, vaktaal, een passieve schrijfstijl en moeilijke woorden vermijden. Maar lukt het de tekstschrijvers bij gemeenten eigenlijk wel om dit te doen? Het is namelijk makkelijker gezegd dan gedaan: je moet vaak ingewikkelde onderwerpen behandelen, werken onder tijdsdruk en je moet je aan bepaalde regels houden.

Onderzoek

We hebben negentig teksten van dertig verschillende gemeenten geanalyseerd om dit te onderzoeken. Wat blijkt? Slechts 24 procent van de teksten is op B1-niveau, terwijl 88 procent van de tekstschrijvers aangeeft te streven naar een tekst op B1-niveau. Dat de teksten niet op B1-niveau zijn, komt vooral door het gebruik van jargon of moeilijke woorden. Ook hanteren de tekstschrijvers nog te vaak ambtelijke taal. Helaas is er dus nog steeds een kloof tussen wens en werkelijkheid.

In het eerste nummer van TekstBlad van 2015 verschijnt een artikel van Manon Braat over dit onderzoek. Wilt u daar niet op wachten? Download dan hier onze whitepaper.

Contact? Bel 035 - 623 77 85 of mail info@hvds.nl