Home » Coronatoespraken in begrijpelijke taal: wat is het verschil?
Homepage artikel01 | 10 | 2020 | door: Anne van Blanken

Coronatoespraken in begrijpelijke taal: wat is het verschil?

Tijdens de coronacrisis is er veel aandacht voor de begrijpelijkheid van informatie voor alle doelgroepen. Zo wordt iedere toespraak vertolkt in gebarentaal en verschijnt er van iedere toespraak een versie in begrijpelijke taal. Maar wat zijn precies de verschillen tussen de teksten en zouden niet alle teksten in begrijpelijke taal moeten zijn? In dit artikel vergelijken we de uitgesproken tekst en de tekst in begrijpelijke taal van de speech op 1 september 2020.

Wat is begrijpelijkheid?

Het lijkt misschien een open deur, maar begrijpelijkheid is toch wat complexer dan we vaak inschatten. Bij begrijpelijkheid van teksten spelen twee elementen een rol: tekstkenmerken en lezerskenmerken. Vaak gaan we als tekstschrijvers bij de begrijpelijkheid van teksten alleen uit van tekstkenmerken. Daar hebben we immers invloed op.

Uit onderzoek blijkt echter dat ook lezerskenmerken een rol spelen in de begrijpelijkheid. Denk aan: omstandigheden waarin iemand een tekst leest en de houding ten opzichte van de tekst. Het is dus goed om je als schrijver te realiseren dat begrijpelijkheid mede bepaald wordt door zaken waar je beperkt invloed op hebt en kan verschillen per doelgroep. Als je meer wilt weten over lezerskenmerken, is het onderzoek van Jentine Land (2009) een aanrader.

Op tekstkenmerken heb je als schrijver meer invloed, maar ook daarbij is het goed om onderscheid te maken dus de vorm en de inhoud. Is de inhoud moeilijk, dan kan de vorm maar tot op zekere hoogte de tekst begrijpelijker maken. Ook de inhoud moet dan aangepast worden op de tekst begrijpelijker te maken.

Het is goed om je als schrijver te realiseren dat begrijpelijkheid mede bepaald wordt door zaken waar je beperkt invloed op hebt en kan verschillen per doelgroep.

Tekstanalyse van vorm

Voor onze tekstanalyse van de speech van 1 september hebben we de T-scan gebruikt. Dit is openbare software ontwikkeld door onderzoekers aan de Universiteit Utrecht. Deze software berekent ruim 400 tekstkenmerken. Niet alle 400 kenmerken zijn relevant voor dit onderzoek. In dit artikel gebruiken we alleen de kenmerken die een bewezen effect hebben op de begrijpelijkheid van teksten, zogenaamde voorspellers van begrijpelijkheid. De voorspellers zijn onderzocht door Kleijn (2018) in haar promotieonderzoek. Voordat we kijken naar de kenmerken die invloed hebben op de begrijpelijk, zetten we eerst een aantal algemene kenmerken op een rijtje.

In de tabel is een groot verschil te zien in de tekstlengte. Zo is de tekst in begrijpelijke taal veel korter, minder zinnen en minder alinea’s, en zijn de zinnen korter. De lengte van de alinea’s verschilt niet zo veel van elkaar. Het is goed om op te merken dat de uitgesproken tekst een onderscheid maakt tussen de speech van Mark Rutte en van Hugo de Jonge. In de tekst in begrijpelijke taal worden alleen de belangrijkste maatregelen en wijzigingen genoemd.

Vijf voorspellers van leesbaarheid

In 2018 presenteerde Suzanne Kleijn haar promotieonderzoek naar de invloed van tekstkenmerken op leesbaarheid (begrijpelijkheid). In haar onderzoek richt ze zich vooral op scholieren. Toch zijn de uitkomsten met de onderzoek op scholieren interessant. Scholieren werken nog aan hun leesvaardigheid waardoor er vaardige en minder vaardige lezers tussen zitten.

Uit het onderzoek komen de volgende voorspellers van begrijpelijkheid naar voren:

  1. Hoe hoger de (gecorrigeerde) woordfrequentie, hoe makkelijker.
    Oftewel: hoe meer veelgebruikte woorden er in een tekst staan, hoe makkelijker de tekst is.
  2. Hoe meer inhoudswoorden per deelzin, hoe moeilijker.
    Inhoudswoorden zijn (zelfstandig en bijvoeglijk) naamwoorden, namen, werkwoorden die koppel- of hulpwerkwoord (kunnen) zijn. Deze woorden bevatten dus de meeste informatie in een tekst.
  3. Hoe meer concrete zelfstandig naamwoorden, hoe makkelijker.
    Concrete zelfstandig naamwoorden zijn tastbare zaken, zoals ‘leraar’ of ‘stoel’. Abstracte zelfstandig naamwoorden kun je niet vastpakken, zoals ‘crisis’ of ‘organisatie’.
  4. Hoe hoger de afhankelijkheidslengtes, hoe moeilijker.
    Een afhankelijkheidslengte is de afstand tussen elementen die bij elkaar horen. Hoe meer woorden er tussen de delen staat, hoe meer incomplete informatie je moet onthouden, voordat deze ‘af’ is.
  5. Hoe meer bijvoeglijk voltooide deelwoorden, hoe moeilijker.
    Een voorbeeld van een bijvoeglijke voltooid deelwoord is: de genomen

Hieronder staan de voorspellers als kenmerken uit de T-scan. De gemarkeerde scores geven aan welke van de twee teksten het makkelijkst is volgens de voorspellers.

Als we deze voorspellers toepassen op beide speechteksten, komt de tekst in begrijpelijke taal op bijna alle kenmerken uit de bus  als de makkelijkere tekst. Opvallend is wel dat de uitgesproken tekst hoger scoort op frequente woorden. Als we in gedachte nemen dat de tekst veel langer is en dus waarschijnlijk ook meer variatie in woorden bevat, is dat echter niet zo gek.

Uitkomsten uit de T-scan

Uit de T-scan blijkt een aantal opvallende verschillen:

  • De tekst in begrijpelijke taal bevat drie keer zoveel concrete woorden. Dit is niet exact hetzelfde als de voorspeller die benoemd is, maar zegt wel iets over de concreetheid van de tekst.
  • De afhankelijkheidslengtes zijn veel kleiner in de tekst in begrijpelijke taal. De gemiddelde afstand is bij de uitgesproken tekst twee keer zo lang en de maximale afhankelijkheidslengte is bijna drie keer groter in de uitgesproken tekst. Dat betekent dat de lezer langer incomplete informatie moet onthouden om deze ‘af’ te kunnen maken.
  • Er zitten geen bijvoeglijke voltooid deelwoorden in de tekst in begrijpelijke taal.

Inhoudelijke vergelijking

Bij tekstanalyse kijk je alleen naar tekstkenmerken, maar niet naar inhoud. Om te achterhalen in hoeverre de inhoud van beide teksten overeenkomt, hebben we  een handmatige analyse gedaan. Het is daarbij goed om in gedachte te houden dat de uitgesproken tekst natuurlijk niet bedoeld is om te lezen, maar om te horen. De tekst in begrijpelijke taal is wel bedoeld om te lezen.

Voor de inhoudelijke analyse hebben we eerst globaal gekeken waar de toespraak over gaat. Vervolgens hebben we geselecteerd welke informatie terug zou moeten komen in de tekst in begrijpelijke taal. Tot slot hebben we gekeken hoeveel van de informatie uit beide teksten overeenkomt en of alle hoofdzaken terugkomen in de tekst.

Waar gaat de persconferentie over?

De uitgesproken tekst bestaat uit twee delen: de speech van Mark Rutte en de speech van Hugo de Jonge. De twee teksten vormen één geheel met één uitgebreide inleiding en één uitgebreid slot. Een groot deel van de speech van Rutte bestaat uit de werkwijze rondom corona. De opbouw van de tekst is meestal: een uitspraak die verder onderbouwd wordt met detaillering en voorbeelden of welke situatie heeft geleid tot bepaalde maatregelen. Daarnaast benoemt Rutte twee besluiten.

De toespraak van De Jonge richt zich vooral op de beheersing van het virus. Hij beschrijft welke maatregelen het kabinet neemt om corona te beheersen. De toespraak bestaat dus grotendeels uit de maatregelen volgens de zogenaamde ‘maatregelstructuur’. De maatregel wordt benoemd, gevolgd door het waarom, hoe de maatregel wordt uitgevoerd en wat de beoogde effecten zijn. De Jonge besluit de toespraak met een pleidooi over volhouden.

De toespraak bestaat grotendeels uit de maatregelen volgens de zogenaamde ‘maatregelstructuur’.

Hoofdzaken selecteren

Zoals gezegd wil je als schrijver bij een begrijpelijke tekst dezelfde inhoud overbrengen, maar dan in een andere vorm. Dat betekent dat de hoofdzaken in ieder geval terug moeten komen in de tekst in begrijpelijke taal. Verschillende collega’s van ons bureau hebben afzonderlijk van elkaar de hoofdzaken gemarkeerd. Volgens ons zijn dit de hoofdzaken uit de toespraak:

  • De vragen die in de toespraak beantwoord worden
  • Besluiten over discotheken en kinderopvang
  • Maatregelen door de overheid om meer te kunnen testen
  • Waarschuwing om alleen bij klachten te testen
  • Maatregelen in de verpleeghuizen
  • Regionale informatie op het coronadashboard

Dezelfde inhoud?

Van de in totaal 33 zinnen uit de tekst in begrijpelijke taal geven 12 zinnen dezelfde informatie als in de uitgesproken tekst. Twee zaken vallen daarbij op:

  • Ten eerste bevat de tekst in begrijpelijke taal allerlei maatregelen die verder niet genoemd worden in de uitgesproken tekst. De begrijpelijke tekst geeft namelijk een overzicht van alle geldende maatregelen op 1 september en niet alleen van de genoemde maatregelen. Dat is op zich geen vreemde keuze: op deze manier krijgt een lezer alle relevante informatie van dat moment mee. Ook de informatie die niet in de speech genoemd is. Maar het betekent wel dat de inhoud van de toespraak in begrijpelijke taal voor meer dan de helft niet overeenkomt met de uitgesproken tekst.
  • Ten tweede komen twee maatregelen uit de gesproken tekst niet terug in de versie in begrijpelijke taal (alleen testen bij klachten en testcapaciteit wordt uitgebreid). De inhoud komt dus niet helemaal overeen.

De vraag is: zijn de inhoudelijke verschillen erg of niet? Voor het weglaten van relevante informatie is in ieder geval geen excuus. Als je wilt dat mensen zich niet onnodig laten testen, moet die informatie ook beschikbaar zijn voor mensen die de toespraak niet goed kunnen volgen. Het toevoegen van relevante informatie is een lastigere kwestie. Hoewel het heel begrijpelijk is om alle geldende maatregelen terug te laten komen en niet alleen de genoemde maatregelen, verander je daarmee de inhoud. Het is dus niet meer dezelfde toespraak maar dan in begrijpelijke taal. Het is een andere tekst, met alle belangrijke maatregelen sinds 1 september. Wil je de boodschap van de toespraak begrijpelijk communiceren, dan kun je andere informatie beter achterwege laten.

Wil je de boodschap van de toespraak begrijpelijk communiceren, dan kun je andere informatie beter achterwege laten.

Wel of niet alle teksten in begrijpelijke taal?

Voor dit onderzoekje hebben we één toespraak geanalyseerd. Daarmee zegt de uitkomst natuurlijk niets over de andere toespraken. Het laat echter wel zien wat het dilemma is van schrijven in begrijpelijke taal. Hoe toegankelijker de tekst is voor mensen die moeite hebben Nederlands te begrijpen of te lezen, hoe meer nuances verloren gaan.

Dus wat te doen? Ons advies is: Zorg ervoor dat je weet wie je doelgroep is! Leg eventueel brieven of teksten voor aan de lezer of een lezerspanel en kijk wat er nodig is om de teksten begrijpelijk te maken voor jouw doelgroep. De tekst in begrijpelijke taal is veel eenvoudiger geschreven dan voor de meeste lezers noodzakelijk en handig is. Zo’n tekst is alleen handig als je tekst echt voor iedereen begrijpelijk moet zijn, zoals nu met corona. In dat geval is het handiger om een aparte versie te maken.

Bronnen

Kleijn, S. (2018). Clozing in on readability: How linguistic features affect and predict text comprehension and on-line processing. Utrecht: LOT.

Kraf, R., & Pander Maat, H. (2009). Leesbaarheidsonderzoek: oude problemen, nieuwe kansen. Tijdschrift voor Taalbeheersing, 31(2), 97-123.

Presentatie T-Scan en Leesbaarheidstool voor Netwerk Begrijpelijke Overheid, 23 november 2017. Raadpleeg hier:

http://taalunieversum.org/sites/tuv/files/downloads/Pander_Maat_NBO_2311_17.pdf

Persconferentie 1 september in begrijpelijke taal

Raadpleeg hier: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid-19/vraag-en-antwoord/persconferentie-1-september-in-eenvoudige-taal-de-situatie-met-corona

Uitgesproken tekst persconferentie 1 september

Raadpleeg hier: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/mediateksten/2020/09/01/letterlijke-tekst-persconferentie-minister-president-rutte-en-minister-de-jonge-1-9-2020

Onze versie van de toespraak in begrijpelijke taal

 Anne van Blanken

01 | 10 | 2020 | door: Anne van Blanken
Contact? Bel 035 - 623 77 85 of mail info@hvds.nl